Bekijk

Whitepaper 6: Veelgemaakte fouten en misverstanden in high shear mixen

Leestijd: 7 min

Type: Whitepaper

Whitepaper 6

Veelgemaakte fouten en misverstanden in high shear mixen

1. Inleiding

High shear mixen wordt vaak gezien als een volwassen en goed begrepen technologie. In veel industrieën wordt het al decennia toegepast en de basisprincipes lijken eenvoudig: hogere snelheid leidt tot meer shear en daarmee tot betere mengresultaten. Toch blijkt in de praktijk dat veel processen inefficiënt zijn, moeilijk reproduceerbaar of meer energie verbruiken dan noodzakelijk.

De oorzaak ligt zelden in de technologie zelf, maar in de manier waarop deze wordt toegepast. Veel beslissingen worden genomen op basis van aannames, vereenvoudigingen of historische keuzes, zonder dat het onderliggende proces volledig wordt begrepen. Hierdoor ontstaan hardnekkige misverstanden die zich blijven herhalen, zelfs in geavanceerde productieomgevingen.

Deze whitepaper bespreekt de meest voorkomende fouten en misvattingen in high shear mixen. Het doel is niet alleen om deze te benoemen, maar vooral om inzicht te geven in waarom ze ontstaan en hoe ze kunnen worden vermeden.

2. “Meer shear is altijd beter”

Een van de meest hardnekkige misverstanden is dat meer shear automatisch leidt tot een beter resultaat. Dit idee is intuïtief aantrekkelijk: als shear zorgt voor het verkleinen van deeltjes of druppels, dan zou meer shear dit effect moeten versterken.

In de praktijk is dit slechts gedeeltelijk waar. Hoewel een bepaalde minimale shear nodig is om een proces op gang te brengen, wordt al snel een punt bereikt waarop extra shear geen significant voordeel meer oplevert. In sommige gevallen kan het zelfs nadelig zijn.

Bij emulsies kan overmatige shear leiden tot instabiliteit, doordat gevormde druppels opnieuw samenkomen of doordat emulgatoren beschadigd raken. In dispersies kan te veel energie leiden tot afbraak van structuren of ongewenste veranderingen in producteigenschappen.

Het optimaliseren van een proces betekent daarom niet het maximaliseren van shear, maar het vinden van het punt waarop voldoende energie wordt ingebracht zonder negatieve bijwerkingen.

3. Te veel focus op RPM en vermogen

Toerental en vermogen zijn gemakkelijk meetbare parameters en worden daarom vaak gebruikt als primaire indicatoren voor prestaties. Hoewel ze relevant zijn, geven ze geen volledig beeld van wat er in het proces gebeurt.

RPM zegt weinig over de daadwerkelijke shear die wordt gegenereerd, omdat deze ook afhankelijk is van de diameter en geometrie van de rotor. Vermogen geeft aan hoeveel energie beschikbaar is, maar niet hoe efficiënt deze wordt overgedragen naar het product.

Door te focussen op deze parameters ontstaat het risico dat processen worden geoptimaliseerd op basis van cijfers in plaats van op basis van daadwerkelijke prestaties. Dit kan leiden tot situaties waarin energie wordt verspild zonder dat het eindresultaat verbetert.

Een effectievere benadering is om te kijken naar hoe energie wordt verdeeld en hoe het product door de shear zones beweegt.

4. Het negeren van flow en circulatie

Een andere veelgemaakte fout is het onderschatten van het belang van flow. High shear mixen wordt vaak gezien als een lokaal proces, waarbij de nadruk ligt op wat er gebeurt in de directe omgeving van de mengkop.

In werkelijkheid is flow minstens zo belangrijk als shear. Zonder voldoende circulatie wordt slechts een klein deel van het product effectief behandeld, terwijl de rest van het volume nauwelijks verandert.

Dit leidt tot processen die afhankelijk zijn van lange verwerkingstijden en moeilijk reproduceerbaar zijn. Het verbeteren van flow en circulatie kan in veel gevallen een grotere impact hebben dan het verhogen van shear.

Het begrijpen van hoe product door het systeem beweegt is daarom essentieel voor procesoptimalisatie.

5. Verkeerde interpretatie van opschaling

Opschaling wordt vaak benaderd als een simpele vermenigvuldiging van bestaande parameters. Als een proces werkt bij een bepaalde snelheid en energie-inbreng, wordt aangenomen dat dezelfde waarden op grotere schaal hetzelfde effect zullen hebben.

Zoals eerder besproken, is dit zelden het geval. Stromingspatronen, verblijftijd en passages veranderen op een manier die niet lineair is. Het negeren van deze veranderingen leidt tot processen die op grotere schaal minder efficiënt of zelfs onbruikbaar zijn.

Een veelvoorkomende fout is het proberen te compenseren voor deze verschillen door simpelweg meer vermogen toe te voegen. Dit verhoogt de kosten en kan nieuwe problemen introduceren, zonder de onderliggende oorzaak aan te pakken.

Succesvolle opschaling vereist een herontwerp van het proces, niet alleen een vergroting van de apparatuur.

6. Onderschatting van producteigenschappen

High shear processen worden vaak ontworpen met de focus op apparatuur, terwijl de eigenschappen van het product minstens zo bepalend zijn. Viscositeit, oppervlaktespanning en samenstelling hebben directe invloed op hoe het product reageert op shear.

Het negeren van deze factoren kan leiden tot verkeerde conclusies over de effectiviteit van een systeem. Een proces dat niet goed werkt, wordt dan toegeschreven aan de machine, terwijl de oorzaak ligt in de interactie tussen product en procescondities.

Daarnaast veranderen producteigenschappen vaak tijdens het proces. Dit maakt het noodzakelijk om dynamisch te denken en instellingen aan te passen naarmate het proces vordert.

7. Verkeerde volgorde van processtappen

Een subtiele maar belangrijke fout is het kiezen van een inefficiënte volgorde van processtappen. Het direct toepassen van high shear op een slecht voorbereid systeem leidt vaak tot onnodig energiegebruik.

Bijvoorbeeld, het dispergeren van droge poeders zonder goede bevochtiging resulteert in agglomeraten die moeilijk af te breken zijn. Door eerst te zorgen voor een goede bevochtiging en pas daarna shear toe te passen, kan het proces aanzienlijk efficiënter worden.

Dit principe geldt breder: het voorbereiden van het product op de volgende stap is vaak effectiever dan het compenseren met extra energie.

8. Verwarring tussen proces en apparatuur

Een fundamentele denkfout is het gelijkstellen van proces en apparatuur. Er wordt vaak gesproken over wat een machine kan, in plaats van wat het proces vereist.

Dit leidt tot situaties waarin een systeem wordt gekozen op basis van zijn specificaties of reputatie, zonder dat duidelijk is of het past bij de specifieke toepassing. Wanneer het resultaat tegenvalt, wordt gezocht naar aanpassingen binnen dezelfde apparatuur, terwijl het probleem mogelijk ligt in de gekozen benadering.

Het scheiden van procesanalyse en apparatuurselectie maakt het mogelijk om eerst te bepalen wat nodig is en pas daarna te kiezen hoe dit wordt gerealiseerd.

9. Het negeren van de “sweet spot”

Elk high shear proces heeft een gebied waarin prestaties optimaal zijn. Buiten dit gebied neemt de efficiëntie af en neemt de kans op problemen toe. Dit wordt vaak aangeduid als de “sweet spot”.

In de praktijk wordt deze “sweet spot” vaak niet bewust gezocht. In plaats daarvan worden processen ingesteld op basis van ervaring of standaardwaarden, zonder systematische evaluatie.

Het gevolg is dat processen onnodig energie verbruiken of niet stabiel zijn. Door gericht te zoeken naar de “sweet spot”, bijvoorbeeld door systematisch variabelen te testen, kan zowel de efficiëntie als de reproduceerbaarheid aanzienlijk worden verbeterd.

10. Gebrek aan procesfeedback

Veel high shear processen worden aangestuurd zonder directe feedback over het resultaat. Parameters zoals snelheid en vermogen worden ingesteld, maar er wordt niet continu gemeten wat het effect is op het product.

Dit maakt het moeilijk om processen te optimaliseren of afwijkingen tijdig te detecteren. Het implementeren van meetmethoden, zoals deeltjesgrootte-analyse of viscositeitsmetingen, kan waardevolle inzichten opleveren.

Procesfeedback maakt het mogelijk om van een statische naar een dynamische benadering te gaan, waarbij instellingen worden aangepast op basis van daadwerkelijke prestaties.

11. Conclusie

De meeste problemen in high shear mixen ontstaan niet door gebrek aan technologie, maar door een gebrek aan procesinzicht. Misverstanden zoals het overschatten van shear, het negeren van flow of het verkeerd benaderen van opschaling leiden tot inefficiënte en moeilijk beheersbare processen.

Door deze denkfouten te herkennen en te vermijden, ontstaat ruimte voor een meer rationele en effectieve benadering. Het resultaat is niet alleen een beter product, maar ook een proces dat robuuster, energie-efficiënter en beter reproduceerbaar is.

Het belangrijkste inzicht is dat succes in high shear mixen niet ligt in het maximaliseren van individuele parameters, maar in het begrijpen en beheersen van hun onderlinge samenhang.

Whitepaper 6

Veelgemaakte fouten en misverstanden in high shear mixen

1. Inleiding

High shear mixen wordt vaak gezien als een volwassen en goed begrepen technologie. In veel industrieën wordt het al decennia toegepast en de basisprincipes lijken eenvoudig: hogere snelheid leidt tot meer shear en daarmee tot betere mengresultaten. Toch blijkt in de praktijk dat veel processen inefficiënt zijn, moeilijk reproduceerbaar of meer energie verbruiken dan noodzakelijk.

De oorzaak ligt zelden in de technologie zelf, maar in de manier waarop deze wordt toegepast. Veel beslissingen worden genomen op basis van aannames, vereenvoudigingen of historische keuzes, zonder dat het onderliggende proces volledig wordt begrepen. Hierdoor ontstaan hardnekkige misverstanden die zich blijven herhalen, zelfs in geavanceerde productieomgevingen.

Deze whitepaper bespreekt de meest voorkomende fouten en misvattingen in high shear mixen. Het doel is niet alleen om deze te benoemen, maar vooral om inzicht te geven in waarom ze ontstaan en hoe ze kunnen worden vermeden.

2. “Meer shear is altijd beter”

Een van de meest hardnekkige misverstanden is dat meer shear automatisch leidt tot een beter resultaat. Dit idee is intuïtief aantrekkelijk: als shear zorgt voor het verkleinen van deeltjes of druppels, dan zou meer shear dit effect moeten versterken.

In de praktijk is dit slechts gedeeltelijk waar. Hoewel een bepaalde minimale shear nodig is om een proces op gang te brengen, wordt al snel een punt bereikt waarop extra shear geen significant voordeel meer oplevert. In sommige gevallen kan het zelfs nadelig zijn.

Bij emulsies kan overmatige shear leiden tot instabiliteit, doordat gevormde druppels opnieuw samenkomen of doordat emulgatoren beschadigd raken. In dispersies kan te veel energie leiden tot afbraak van structuren of ongewenste veranderingen in producteigenschappen.

Het optimaliseren van een proces betekent daarom niet het maximaliseren van shear, maar het vinden van het punt waarop voldoende energie wordt ingebracht zonder negatieve bijwerkingen.

3. Te veel focus op RPM en vermogen

Toerental en vermogen zijn gemakkelijk meetbare parameters en worden daarom vaak gebruikt als primaire indicatoren voor prestaties. Hoewel ze relevant zijn, geven ze geen volledig beeld van wat er in het proces gebeurt.

RPM zegt weinig over de daadwerkelijke shear die wordt gegenereerd, omdat deze ook afhankelijk is van de diameter en geometrie van de rotor. Vermogen geeft aan hoeveel energie beschikbaar is, maar niet hoe efficiënt deze wordt overgedragen naar het product.

Door te focussen op deze parameters ontstaat het risico dat processen worden geoptimaliseerd op basis van cijfers in plaats van op basis van daadwerkelijke prestaties. Dit kan leiden tot situaties waarin energie wordt verspild zonder dat het eindresultaat verbetert.

Een effectievere benadering is om te kijken naar hoe energie wordt verdeeld en hoe het product door de shear zones beweegt.

4. Het negeren van flow en circulatie

Een andere veelgemaakte fout is het onderschatten van het belang van flow. High shear mixen wordt vaak gezien als een lokaal proces, waarbij de nadruk ligt op wat er gebeurt in de directe omgeving van de mengkop.

In werkelijkheid is flow minstens zo belangrijk als shear. Zonder voldoende circulatie wordt slechts een klein deel van het product effectief behandeld, terwijl de rest van het volume nauwelijks verandert.

Dit leidt tot processen die afhankelijk zijn van lange verwerkingstijden en moeilijk reproduceerbaar zijn. Het verbeteren van flow en circulatie kan in veel gevallen een grotere impact hebben dan het verhogen van shear.

Het begrijpen van hoe product door het systeem beweegt is daarom essentieel voor procesoptimalisatie.

5. Verkeerde interpretatie van opschaling

Opschaling wordt vaak benaderd als een simpele vermenigvuldiging van bestaande parameters. Als een proces werkt bij een bepaalde snelheid en energie-inbreng, wordt aangenomen dat dezelfde waarden op grotere schaal hetzelfde effect zullen hebben.

Zoals eerder besproken, is dit zelden het geval. Stromingspatronen, verblijftijd en passages veranderen op een manier die niet lineair is. Het negeren van deze veranderingen leidt tot processen die op grotere schaal minder efficiënt of zelfs onbruikbaar zijn.

Een veelvoorkomende fout is het proberen te compenseren voor deze verschillen door simpelweg meer vermogen toe te voegen. Dit verhoogt de kosten en kan nieuwe problemen introduceren, zonder de onderliggende oorzaak aan te pakken.

Succesvolle opschaling vereist een herontwerp van het proces, niet alleen een vergroting van de apparatuur.

6. Onderschatting van producteigenschappen

High shear processen worden vaak ontworpen met de focus op apparatuur, terwijl de eigenschappen van het product minstens zo bepalend zijn. Viscositeit, oppervlaktespanning en samenstelling hebben directe invloed op hoe het product reageert op shear.

Het negeren van deze factoren kan leiden tot verkeerde conclusies over de effectiviteit van een systeem. Een proces dat niet goed werkt, wordt dan toegeschreven aan de machine, terwijl de oorzaak ligt in de interactie tussen product en procescondities.

Daarnaast veranderen producteigenschappen vaak tijdens het proces. Dit maakt het noodzakelijk om dynamisch te denken en instellingen aan te passen naarmate het proces vordert.

7. Verkeerde volgorde van processtappen

Een subtiele maar belangrijke fout is het kiezen van een inefficiënte volgorde van processtappen. Het direct toepassen van high shear op een slecht voorbereid systeem leidt vaak tot onnodig energiegebruik.

Bijvoorbeeld, het dispergeren van droge poeders zonder goede bevochtiging resulteert in agglomeraten die moeilijk af te breken zijn. Door eerst te zorgen voor een goede bevochtiging en pas daarna shear toe te passen, kan het proces aanzienlijk efficiënter worden.

Dit principe geldt breder: het voorbereiden van het product op de volgende stap is vaak effectiever dan het compenseren met extra energie.

8. Verwarring tussen proces en apparatuur

Een fundamentele denkfout is het gelijkstellen van proces en apparatuur. Er wordt vaak gesproken over wat een machine kan, in plaats van wat het proces vereist.

Dit leidt tot situaties waarin een systeem wordt gekozen op basis van zijn specificaties of reputatie, zonder dat duidelijk is of het past bij de specifieke toepassing. Wanneer het resultaat tegenvalt, wordt gezocht naar aanpassingen binnen dezelfde apparatuur, terwijl het probleem mogelijk ligt in de gekozen benadering.

Het scheiden van procesanalyse en apparatuurselectie maakt het mogelijk om eerst te bepalen wat nodig is en pas daarna te kiezen hoe dit wordt gerealiseerd.

9. Het negeren van de “sweet spot”

Elk high shear proces heeft een gebied waarin prestaties optimaal zijn. Buiten dit gebied neemt de efficiëntie af en neemt de kans op problemen toe. Dit wordt vaak aangeduid als de “sweet spot”.

In de praktijk wordt deze “sweet spot” vaak niet bewust gezocht. In plaats daarvan worden processen ingesteld op basis van ervaring of standaardwaarden, zonder systematische evaluatie.

Het gevolg is dat processen onnodig energie verbruiken of niet stabiel zijn. Door gericht te zoeken naar de “sweet spot”, bijvoorbeeld door systematisch variabelen te testen, kan zowel de efficiëntie als de reproduceerbaarheid aanzienlijk worden verbeterd.

10. Gebrek aan procesfeedback

Veel high shear processen worden aangestuurd zonder directe feedback over het resultaat. Parameters zoals snelheid en vermogen worden ingesteld, maar er wordt niet continu gemeten wat het effect is op het product.

Dit maakt het moeilijk om processen te optimaliseren of afwijkingen tijdig te detecteren. Het implementeren van meetmethoden, zoals deeltjesgrootte-analyse of viscositeitsmetingen, kan waardevolle inzichten opleveren.

Procesfeedback maakt het mogelijk om van een statische naar een dynamische benadering te gaan, waarbij instellingen worden aangepast op basis van daadwerkelijke prestaties.

11. Conclusie

De meeste problemen in high shear mixen ontstaan niet door gebrek aan technologie, maar door een gebrek aan procesinzicht. Misverstanden zoals het overschatten van shear, het negeren van flow of het verkeerd benaderen van opschaling leiden tot inefficiënte en moeilijk beheersbare processen.

Door deze denkfouten te herkennen en te vermijden, ontstaat ruimte voor een meer rationele en effectieve benadering. Het resultaat is niet alleen een beter product, maar ook een proces dat robuuster, energie-efficiënter en beter reproduceerbaar is.

Het belangrijkste inzicht is dat succes in high shear mixen niet ligt in het maximaliseren van individuele parameters, maar in het begrijpen en beheersen van hun onderlinge samenhang.

Veelgemaakte fouten en misverstanden in high shear mixen

Zoeken